Gestemd op …


Mijn dochter schrijft samen met mijn ondersteuning een boek. Hier het laatste hoofdstukje. Mayim Kolder is de IK-persoon.

Woensdag 18 maart, de dag om te stemmen. Meteen als ik uit school kom wil ik naar het stembureau.

‘Opschieten,’ roep ik naar de rest van de familie. ‘Stemmen!’
Over de hoge drempel van de voordeur van stembureau zijn twee planken neergelegd als een soort van invalidenoprit, maar dan wel heel schuin. Ik druk op knop nummer 4 van het bedieningskastje van mijn rolstoel, dat van heel snel, maak een spurt en ‘jump’ over de drempel, vlieg een paar centimeter omhoog en land vlak voor een oude man. Hij kijkt alsof hij een vogelverschrikker naspeelt.
‘Sorry,’ zeg ik tegen hem.
‘Ach, kind,’ zegt hij. ‘Als iedereen zo enthousiast is, komt het wel goed met de verkiezingen.’
Vier tafeltjes zie ik bij binnenkomst, waarachter drie mannen zitten en een jonge vrouw. En toevallig is dat Doris, mijn buurmeisje.
Ik heb mijn paspoort en oproepkaart al op mijn werkblad liggen. Voor Doris ben ik blijkbaar nog altijd dat kleine meisje. Ze zegt: ‘Oh, ik wist niet dat je al 18 bent.’ Ja, als ik geen 18 was kwam ik toch niet stemmen, laat maar, ze is wel lief en het is mooi weer.
Nu komt de controle van de mensen achter de tafeltjes, de eerste, dat is Doris, pakt mijn paspoort en noemt mijn naam, zodat de tweede op rij iets kan afvinken. Hij geeft de derde op rij opdracht het stembiljet aan mij te overhandigen. Wat de vierde doet dat blijkt later. Hij is de stembusbewaker, je moet het biljet er netjes opgevouwen in doen.
‘Die vierde meneer,’ fluistert pappa. ‘Is raadslid voor de PVV in Almere.’
‘Dag Mayim,’ zegt hij tegen me.
Wat moet ik doen, het is echt niet mijn partij, moet ik nou naar hem lachen of een shagrijnige kop trekken.
Ik ben nog over die man aan het nadenken, als ik al bij het laatste stemhokje ben aangekomen, speciaal voor rolstoelers. Het heeft een lage lessenaar.
Maar omdat mijn rolstoel een eigen werkblad heeft op dezelfde hoogte pas ik er niet onder. Dan maar ervoor. Mama vouwt mijn stembiljet open, we wisten al dat het veel te groot was, dus vouwt ze het op een manier dat mijn partij boven ligt. Ik heb thuis vertelt waar ik op ga stemmen.
Ik steek mijn hand uit voor het rode potlood, maar het zit vast aan een te korte ketting om de afstand te kunnen overbruggen van twee lessenaars. Hallo, kan ik zeker nog niet stemmen.
‘Wacht nou maar …’ zegt mijn moeder … ‘Ik draai het schroefje van het kettinkje wel los … alsjeblieft, hier is je rode potlood.’

STEMMEN!!!

Het stembiljet wordt door mijn moeder keurig in achten teruggevouwen en ze legt het op mijn werkblad. Ze heeft trouwens nog even een onderonsje met de PVV-man, want ze denkt dat hij het niet kan waarderen dat het potlood met ketting is gesloopt. Ten overvloede zegt ze ook nog: ‘De potloden zitten ook niet goed vast,’ en duwt het rode potlood en het losse kettinkje in zijn handen.

De PVV-man biedt aan, mijn stembiljet in de stembus te doen. Ik schud mijn hoofd.
‘Bedankt, dat doe ik zelf wel, dat is toch juist de lol,’ zeg ik tegen hem.
Mijn rolstoel laat ik tergend langzaam omhoog gaan. En ik kantel hem een beetje, zodat ik precies op de goede hoogte naast de stembus sta. Met soort van volleerde beweging, met mijn minst spastische arm, die niet ver omhoog kan, werp ik het biljet … ernaast.
‘Shit!’ zeg ik tegen de PVV-man. ‘Ik wou even stoer doen.’
Hij raapt het stembiljet op en legt het op mijn plateau. ‘Alsjeblieft,’ zegt hij.
Nog een keer, en nu lukt het. Het stembiljet zit in de bus. Gaaf.

 

Voor Ancilla, Jesse en Thierry.


 

juglans_major_twig

Een leider leert van het veranderend landschap en de jaargetijden. De overgang van de zomer, de herfst naar de kille winter. Het politiek landschap verandert, maar de natuur behoudt zijn eigen waarden. De oude boom blijft standvastig in zijn visie en waarden, uitkijkend over de glooiingen van de verandering. Stevig geworteld, prioriterend, actief en gemotiveerd. De volgende transitie verwelkomend. De jonge twijg beweegt mee, is flexibel en danst op de wind. Samen zijn ze een. En onschuld is onze natuurlijke toestand. Van de jonge boom èn oude boom. Al worden ze onbedoeld soms overwoekerd door de complexiteit van het veranderend landschap.

Omarm transities

Transformaties zijn identiek aan de golfbewegingen van de natuur. Soms zul je je blad of huid moeten verliezen om naar een volgende fase te gaan. Dankzij de winter weten we wat de lente is. Dankzij de pop zien we de vlinder. De politieke macht raakt vaak gehecht aan ingeslepen denkbeelden en vergeten de bron. Blijf bij wat je drijft. Een zaadje levert amper inspanning om boom te worden. De natuur kent de wil om leiding te nemen. Herken de wetmatigheid van moeiteloos leven.

In de natuur is geen oorsprong en er is geen einde. De ecologische wet van leiderschap ligt in het feit dat er geen verlies of dood bestaat. Dus ook geen angst voor verlies van bezit. Het verdwijnen van verouderde denkbeelden is de compost voor de geboorte van andere. De oude koning in ons is misschien allang dood, maar de nieuwe staat al te popelen. Op de resten van de oude stad wordt namelijk de nieuwe gebouwd. Richt je energie op de toekomst.

Blijf jong van geest

De jonge boom anticipeert op vele rollen die hij tegenkomt. Niet weerbarstig maar flexibel als een bamboestengel. Stevig geworteld doorstaat het kunstig de zwaarste stormen en hij voelt zeker tijdens een storm de sensatie in zijn lichaam: de levensenergie. Op sterke en zwakke momenten.

Omarm je zwakte, weersta je angst en wees trots op wie je bent. De omgang met je incompetenties maakt tot wie je bent. Je schaduwdeel is onderdeel van je totale werkelijkheid. Omhels die kant en je wordt een sterker leider. Blijf als een kind. Transparant in doen en laten. Authentiek en waarachtig. Weet dat de schaduw van de zon slechts op je onvolledigheid wijst.

Wees overtuigd dat je wordt gedreven door een innerlijke verplichting. De innerlijke drijfveer is kompas en je tweede natuur. Vertrouw erop. Twijfel niet bij keuzes. Het ecologisch schilderstuk kent enkel groei. Het is de flow van leiderschap.

Groeten van een oude boom, krom, maar standvastig.

 

Waarom je steeds weer in de verhalen van de politiek tuint


63e728454305e0bd296d183d3181f2ab

Politici hebben de neiging om negatieve boodschappen voor zich te houden. Niets menselijks is hen daarin vreemd.
De natuurlijke reactie is vaak dat aan alles een positieve draai wordt gegeven. Het verhaal van de hoop: ‘Het is verschrikkelijk wat is gebeurd, nogmaals sorry, we hebben onze les geleerd, en gaan ons gedrag verbeteren.’ Andersom kun je ook het verhaal van de angst prediken: ‘Sorry, maar we konden niets anders dan de grenzen sluiten voor de Islam, anders verliezen we onze identiteit’.

Verlies- of winstframing bij voorlichtingscampagnes

Wat is verlies- of winstframing? In voorlichtingscampagnes is verliesframing duidelijk te herkennen. Negatieve informatie bij persuasieve teksten helpt de vervelende boodschap te ‘verkopen’. Het Ministerie van VWS probeert de roker met negatieve boodschappen en met het schrikbeeld van ziekte en dood van zijn verslaving af te brengen. Foto’s van ‘zwartgeblakerde’ longen moet mensen bewust laten worden van de nadelige gevolgen.

Deze methode noemen we verliesframing, precies het tegenovergestelde van winstframing. Zou hier winstframing worden toegepast om de roker van zijn verslaving af te helpen dan zou dat neerkomen op het communiceren van fysieke en psychische voordelen van het niet-roken: ‘Veel meer lucht’, ‘het eten smaakt beter’ en ‘je bent anderen niet tot last’. Toch gebruikt VWS bewust geen positieve fraseringen, omdat dat minder aandacht trekt en dus minder effect heeft.

Verliesframing in het politieke speelveld

In het politieke speelveld zie je dat beide communicatietechnieken steeds vaker worden ingezet. Donald Trump, maar ook de Nederlandse politicus Geert Wilders en Marianne Thieme kiezen duidelijk voor verliesframing. Verlies weegt zwaarder. Bij de eerste twee gaat het over verlies van je ‘land’ aan boeven en criminelen uit Mexico of door een tsunami van vluchtelingen vanuit de Islamitische landen. Bij verliesframing wordt de hyperbool niet geschuwd.

Bij Thieme gaat het over het ‘redden’ van onze planeet. Ze schreef samen met Ewald Engelen het boek‘De kanarie in de kolenmijn’ een meeslepend verhaal met als voornaamste boodschap: ‘We moeten onze planeet op orde zien te krijgen voor het te laat is’. Een eco-centrische visie, noemt Thieme dat.

Winstframing is een andere keuze

Framing is de wijze waarop informatie in een tekst wordt geformuleerd. Bij winstframing worden de resultaten van het gewenste gedrag of de voordelen ervan benadrukt. ‘Als u uw lenzen dagelijks reinigt, gaan ze langer mee’. Verliesframing zou dezelfde boodschap anders formuleren: ‘Als u uw lenzen niet dagelijks reinigt, gaan ze minder lang mee en uw ogen kunnen gaan ontsteken’.

Koopmotieven of -gedrag worden beïnvloed door de manier waarop iets wordt neergezet. Men koopt liever een bieflapje waar op de verpakking staat dat het voor 75 procent uit mager vlees bestaat dan een lapje dat 25 procent vet bevat. Als bij een ramp wordt gesproken over het aantal overlevenden, dan wordt dat als minder verschrikkelijk gezien dan wanneer het aantal sterfgevallen van diezelfde ramp wordt vermeld. Hoewel de inhoud van de boodschap hetzelfde blijft, is de perceptie anders.

Ook de politiek gebruikt winstframing. Je ziet dat bij Obama en in Nederland bij Jesse Klaver. Beiden gaan het woord angst en verlies zoveel mogelijk uit de weg in hun politieke boodschappen en tonen liever hun dromen dan angstbeelden. Ook Martin Luther King deed dat op zijn manier. Niet dat Martin Luther King, Obama en Jesse Klaver geen realisten waren/zijn, maar omdat dit hun strategie is mensen te laten kiezen voor hun beelden. Een keuze voor ‘goed’ in plaats van ‘kwaad’.

Verliesframing is pijnlijk

Hoe komt het nu dat de boodschap ‘vanuit verlies inpakken’ beter schijnt te werken? Dat komt voornamelijk omdat de beleving anders is als je iets verliest.

In de krant van 7 september jongstleden staat dat Samson en Pechtold erover eens zijn dan Nederland bang is en in een identiteitscrisis zit. Duidelijk een frame vanuit angst. En zo een boodschap, of het nu waar is of niet, dat doet pijn.

Als je 100 euro verliest, weegt dat echt zwaarder dan dat je 100 euro wint in een loterij. Mensen nemen ook veel liever meteen hun winst dan uitstellen. De marketingtactiek ‘koop-nu-betaal-later’ is hier een sterk voorbeeld van. Het uitstellen van verlies verklaart ook waarom het zo moeilijk is om van een voedselverslaving af te komen. De negatieve effecten (verlies) – hart en vaatklachten of dikke darmkanker krijgen – komen pas op latere leeftijd.

Zo ook bij het opbouwen van een pensioen. Dat verklaart ook precies waarom jongeren de goedkoopste zorgverzekering kiezen en solidariteit wat minder van belang is.

Persuasieve communicatie

Kijken we naar reclameboodschappen dan zie we dat verzekeringsbedrijven ‘verlies’ (medisch, schade veroorzaken aan derden, et cetera) in hun boodschap al veel langer gebruiken. Misschien waarderen daarom zoveel mensen de commercials van Centraal Beheer. ‘Even Apeldoorn bellen’ staat garant voor verlies of angst, maar gelukkig overkomt het altijd iemand anders, zodat we er hartelijk om kunnen lachen.

Het komt wel goed

Vele onderzoeken hebben uitgewezen dan mensen geloven in het goede en van nature solidair zijn met de groep. Mensen geloven ook ‘dat alles goed komt’. Dat heet ‘positive bias’. Mensen verwachten in overweldigende mate dat er goede dingen in hun leven plaatsvinden, in sterke tegenstelling tot neutrale of negatieve zaken. Dat verklaart het succes van ‘feel good movies’.

Daarom krijgt negatieve informatie meer aandacht dan aan positieve informatie. Het gevolg is wel dat negatieve boodschappen meer gewicht krijgen in besluitvormingsprocessen dan positief geformuleerde boodschappen. Zo verschuift het mensbeeld onder invloed van de geframede angstbeelden langzaam naar het negatieve.

verliesframing

Het boek van Marianne Thieme en Ewald Engelen of de bekende film van Al Gore over het einde van de wereld is hier een goed voorbeeld van. Na het wereldwijd verschijnen ervan werd de film als kapstok gebruikt om milieumaatregelen te initiëren. 

Wanneer zet men verlies- of winstframing in?

Eerst moet je nadenken of het moreel is om framing als manipulatief communicatiemiddel in te zetten? Kijk vooral naar je persoonlijke waarden. En als je dan toch besluit dit wel te doen, om bijvoorbeeld een bepaald gedrag te veranderen in een eerste fase (detectie van de problematiek) dan heeft verliesframing meer effect dan winstframing. Dus aan het begin van een campagne of boodschap is de eerste klap is een daalder waard. Wil je daarentegen een preventieve functie toekennen aan bepaald gedrag, dan is winstframing meer overtuigend. Herstellend gedrag lijkt eenzelfde voordeel te hebben. Als de doelgroep zich dus al bewust is van het verlies, is het nodeloos en contraproductief om daarna nog over verlies te praten.

Wil het Nee-Kamp mij alsjeblieft ontvolgen!


nee-zeggen-21

Wil het Nee-Kamp mij alsjeblieft ontvolgen! Vroeg ik gister als @kanteldenker op twitter, met het referendum in gedachten. Ik heb plusminus 15.000 volgers op twitter, maar de meeste zaten blijkbaar op zondagmiddag lekker in de zon, ik had meer reacties verwacht. Toch kwamen er een kleine honderd meldingen. Ik had met mijn vrouw een soort hypothese bedacht. Omdat op de social media het Ja-kamp en het Nee-kamp elkaar in de haren vlogen wilden we het fijne ervan weten.

Ik twitterde: ‘Wil het Nee-kamp mijn alsjeblieft ontvolgen’. Een paar uur later: Wil het Ja-kamp mij ontvolgen. En last but not least vroeg ik in de avond hetzelfde aan het Ik-ga-niet-stemmen-kamp. De reacties op de eerste tweet waren niet mals. Ten eerste ontvolgde 38 personen mij vrijwel direct (terwijl we toch al jaren een twitterrelatie hadden), en een tiental maakten me figuurlijk af op twitter. Gelukkig viel het verder wel mee.

Een paar voorbeelden vanuit het Nee-kamp:

  • @Kanteldenker of anders krijg ik een blokje? Mogen we niet van mening verschillen?
  • @Kanteldenker loop je achter de kliek aan? Of heb je zelf je mening gevormd?
  • Die @Kanteldenker Lijkt mij niets aan verloren ***. De man is een sjabloondenker, nul authentiek, nul oorspronkelijkheid.
  • Ach jee, een @kanteldenker die alleen zijn eigen mening kan verdragen. ZIELIG
  • Ik kon het niet laten …. ik heb een hekel aan pretentieuze nitwits als @kanteldenker
  • Die @kanteldenker. Iemand die metaforen gebruikt als argumenten … ik heb er niets mee. Overigens stem ik natuurlijk ook NEE.

De volgende vallen mee, blije Nee-kampers als het ware:

  • Holy Kolder denkt niet meer in kanteling! Kom aan Marcel, dit moet beter kunnen
  • @Kanteldenker Waarom zou ik je ontvolgen om een verschil van inzicht op een punt, terwijl ik verder juist van de verbinding geniet. 🙂
  • @Kanteldenker Ik ontvolg je niet 🙂 sorry 😀 misschien andere mening maar dat kan ik wel handelen hihihi 😀
  • @Kanteldenker Je kunt ook de NIET-stemmers vragen je te ontvolgen. Ik zal dat verzoek negeren. Net als het referendum.

Een paar voorbeelden vanuit het Ja-kamp:

Wat zegt dat nou allemaal. Niet veel. Behalve dat Nee-Kampers wat feller zijn, sneller ontvolgen en soms wat denigrerender opmerkingen maken. De Ja-Kampers zijn veel aardiger, die ontvolgden me – op 3 na – niet en gingen in dialoog om me te overtuigen.

Tenslotte nog vijf tweets om af te sluiten:

  • @Kanteldenker hmm, het kan heftig gaan he; zo’n campagne…
  • @Kanteldenker huh… ik zit niet in een kamp. Gelukkig. Maar volg juist mensen om verschillende meningen te horen
  • @Kanteldenker Als onwetende over wat ik moet stemmen blijf ik je maar volgen. 🙂
  • @Kanteldenker Komen de twijfelaars ook nog aan bod?
  • @Kanteldenker Mag ik je als genuanceerde denker en dit keer boycotter ook nog blijven volgen? #BoycotDitReferendum

Oh ja, wat ik stem? Ik stem op samenwerken. Omdat ik niet van plofkippen, corruptie, oligarchen en homofoben hou en weet dat de kanteling alleen komt door samen te werken. Hup Jesse Klaver. Kantelbaas van Nederland.

 

 

 

Jesse Klaver is onze kans op een nieuwe politiek


Bij GroenLinks  omarmen we vaker dan andere partijen waarden die niet in geld uit te drukken zijn. De waarde van Europa, de waarde van het gezamenlijk oplossen van vluchtelingenstromen, de waarde van goed onderwijs, de waarde van kunst, cultuur, zorg en natuur. En allemaal vanuit het perspectief van hoop inplaats het negatief sentiment. En dat stel ik op prijs. 

Politiek leiderschap gaat over het in beweging zetten van mensen via een realistisch en optimistisch beeld. Jesse Klaver kan dat. In een combinatie van luisteren en spreken. Hij inspireerde me een drietal jaar geleden met zijn verhaal over zijn gehandicapte vriend. Het kwam diep bij mij binnen. Ik zag dat hij de problematiek rondom het leven een beperking ten diepste begreep: het verlangen van zijn vriend naar waardig meedoen in onze maatschappij.

Groenlinks is volgens mij met Jesse Klaver in staat politiek leiderschap op een andere manier te organiseren, niet alleen top-down, maar van buiten naar binnen, zonder navelstaren en burgers populistisch naar de mond te praten.

Groenlinks blijft aanjager van economische hervormingen
Progressieve partijen zijn steevast aanjager en inspirator voor ingrijpende veranderingsprocessen. Doorgaan op de zelfde weg is niet de oplossing voor ons land. We hebben in Nederland kabinettenlang gefaald door overal het begrip ‘geld’ aan te hangen. Ook aan waarden die niet in geld zijn uit te drukken: aan mantelzorgen, kunstgenieten, cultuuromarmen en natuurmaken. Terwijl we eigenlijk allen verlangen naar een solidair en sociaal land. Momenteel is bij velen een gevoel van: genoeg is genoeg. Er is een afkeur van het systeem dat enkel dacht in geld en in rendement, mede door de verspilling van alles van waarde. Er is een groeiend besef dat groei anders kan. Betere producten maken, duurzamer gebruik, niet elke keer weer een nieuwe auto kopen of nieuwe kleren als ze nog lang niet versleten zijn. Geen voedsel doordraaien. We stappen steeds sneller weg van de hyperconsumptie.

Opgeheven vingertje
Als vanouds lag het zwaartepunt van Groenlinks politiek op cognitie, op het beste jongetje of meisje van de klas willen zijn. De polen van de magneet draaien om. De vinger werd vorig jaar naar Jesse geheven door de toezichthouder van een door de staat geredde bank. En dat tekent de kanteling en toont dat het oude systeem aan het einde van zijn levenscyclus is. Bij de zoektocht naar een duurzame kanteling is het goed een grotere verantwoordelijkheid bij de burger te leggen. Bijvoorbeeld door de broodfondsen te omarmen, burgerinitiatieven te ondersteunen op het terrein van zorg. En het makkelijk maken voor energiecoöperaties via wetgeving. En zo samen de nieuwe economie te gaan bedenken en te doen. Dit vergt een verdere democratisering van ons politiek systeem. Samen op weg betekent dat de politiek voorwaarden schept burgers de kans te geven mede richting te geven aan de focus van de het land (en daarmee aan de politiek) en wetgeving. Er ontstaat dan eindelijk de gewenste gedeelde verantwoordelijkheid en ruimte voor zelfsturende mechanismen. Nederlanders worden zo actoren in het veranderingsproces. Statisch wordt zo dynamisch. De politiek wordt weer vloeibaar. De scheiding tussen ivoren toren en kiezer verdwijnt en verandert zodoende in gelijkwaardigheid van partijen.

Een idee: een Vrije Kamer, naast de Eerste en Tweede …
Als verandering een on-going business is, ontwikkel dan ook on-going politieke podia buiten en naast de partijen. Zodat alle Nederlanders samen aan de vooruitgang van Nederland kunnen werken. Samen werken aan het nieuwe hogere doel: met een zo breed mogelijk gedragen besluit en beleid. En niet een met meerderheidsstemmen en macht doorgedrukt besluit, zoals in het verouderde huidige systeem. Die podia bouwen dan voort op actuele inhoudelijke thema’s die in Nederland echt opportuun zijn. Langs de lijn van de inhoud wordt op deze manier gewerkt aan bezieling, inspiratie en kwaliteit. De overtuiging dat politiek leiderschap niet uitsluitend voorbehouden is aan de top wordt steeds sterker in Nederland. Samen op een sociocratischer manier het land leiden, dat is democratie in zijn mooiste vorm èn een duurzamer vorm van (gedeeld) leiderschap. Dus Jesse, doe je best, ik ondersteun je hierin. Op naar een Vrije Kamer, naast die van de Tweede en Eerste.

De zorg kantelt, alleen de politiek nog niet


Onder het mom van ‘De kosten stijgen de pan uit’ snijdt het kabinet in alle zorg die zij overbodig acht, en vooral in arbeid. Daarbij misbruikt ze het ‘frame’ dat ze enkel de ‘uitwassen’ in de zorg op de schop neemt. Maar dat is voor de bühne.

De hoge salarissen in de door diverse kabinetten gecreëerde schijnmarktmechanismen in onze zorg verminderen amper. Het kabinet doet tevens te weinig aan de geldslurpende bureaucratie die in de zorg is ontstaan en ontkent haar onmacht rondom ICT, waar vooral de afgelopen tijd mislukking op mislukking wordt gestapeld (kijk eens naar het trekkingsrechtdebacle van de SVB). De mens wordt vergeten en het systeem lijkt de nieuwe afgod. Het kabinet introduceert liever quasi-oplossingen en zet in op een soort schijnmarktwerking in de zorg en zet dat diametraal tegenover het feodale systeem van de verzorgingsstaat. Alsof er niet iets anders mogelijk is. En dat is er uiteraard wel.

Het kan echt radicaal anders. Dit kabinet en de politiek dient te beseffen dat de sturing en bezuinigingen die ze nu inzetten uitgaat van een geconditioneerde reflex. Dat enkel maar leidt tot meer van hetzelfde nog meer bezuinigingen, nog meer ontslagen van zorgverleners, dit alles aangewakkerd door de controledrift van perverse boekhouders met hun kosten/baten fetisjisme, door wantrouwen. Terwijl de controlezucht van de politiek onder het mom van ‘rekenschap’ alle innovatie in de zorg, het onderwijs, et cetera, verstikt. Het vermolmt de veerkracht van elke beroepsgroep, de zorgprofessionals, onderwijzend personeel en semi-ambtenarij.

friedman_quoteDe kentering die nu ontstaat hangt samen met het feit dat de samenleving zich van de politiek afkeert. Terwijl de politiek probeert te begrijpen waarom de burger zich afkeert, steken coöperaties en andere vormen van zelforganisatie de kop op. Overal om ons heen. We zijn al aan het kantelen. Er zijn al Übervarianten in zorg, in het onderwijs en uiteraard ook als start-up in de wereld van de grote corporates, die het nog heel even voor het zeggen hebben. Terwijl de politiek probeert grip te krijgen op de oude wereld als rekenmeester, de technocraat, bevinden burgers en buitenlui zich allang ergens anders.

We gaan kantelen. Burgers gaan meervoudige verbindingen aan met publieke organisaties zonder daar het primaat van de politiek in te betrekken. Deze oude orde met lege handen achterlatend. De nieuwe orde gaat uit van empathie en sympathie, van meervoudige verbindingen en professionaliteit in gezamenlijkheid. Zich afkerend van het economisme dat door Jesse Klaver is gelanceerd. Het economisme: de wereld waar de rekenmeesters het voor het zeggen hadden.

Wat me interesseert wat het vergt om met zijn allen de kloof te overbruggen en die ‘kanteling’ te maken naar anders, naar nieuw, naar samen? Wat zijn de instrumenten die je in de zorg kunt gebruiken? Zijn er al ‘best practices’ naast het verhaal van Jos de Blok, met zijn buurtzorg? Want dat moeten we elkaar blijven vertellen. Die successen, de successen van de nieuwe wereld.

Zojuist ontdekte ik een blog op Frankwatching met een aantal disruptieve voorbeelden > Disruptieve successen.