De apenrots in communicatieland


bavianen

De meeste communicatieprofessionals zijn geen partij voor de echte macht in organisaties. Communicatiemensen zijn aardig en vriendelijk. De ‘echte macht’ heeft geen boodschap aan begripvolle communicatie. En zoek je statuur door enerzijds de harde jongen te spelen, val je op je gezicht omdat het communicatievak een feminien vak is.

In de top van organisaties zie je steeds dezelfde twee begrippen. Macht en erkenning. Zelfverrijking, bonussen, vriendjespolitiek, ‘ik verdien wat jij verdient’-gedrag en machtsbejag. De kredietcrisis en recessie van afgelopen 8 jaar zijn slechts een afgeleide van wat er echt aan de hand is. En wat in het groot gebeurt, gebeurt ook in het klein. Als de CEO rechtsaf zegt gaan de meeste werknemers nog steeds rechtsaf. En rond de (bestuurlijke) macht is een sterke hofhouding aanwezig. Maar er is hoop. De masculiene elite, die in de ivoren toren zit, is zich bewust van het harde feit dat hun machtsbasis afbrokkelt. Klassieke macht wordt niet meer gepikt. De mondialisering van informatie via internet en het hogere westerse opleidingsniveau versnelt de kanteling en kentering van machtssystemen. Het dominante machtssysteem valt uit elkaar en dat gebeurt als gebruikelijk schoksgewijs. Je ziet het overal. De rots brokkelt af en achter de façade ontstaat een nieuwe wereld. 

Repelsteeltjesgedrag

Een zekere mate van narcisme en ego is voor een leider volkomen natuurlijk en gezond. Maar als het doorslaat in eigenwaan, opgeblazenheid en negeren van het fatsoenlijke is dat ernstiger. Dat leidt in veel gevallen tot de val van de machthebber. Het is gevaarlijk terrein geworden, rond de stoelpoten van de torens van de macht. Brutussen lopen overal rond. Een van de redenen dat de top de neiging blijft houden om niet transparant te opereren. Maar daar uiteindelijk niet in zal slagen. ‘Ik weet wat jij niet weet,’ wist Repelsteeltje in het gelijknamig sprookje te vertellen. De moraal van verhaal is echter dat ook Repelsteeltje zijn machtsbasis kwijtraakte door zelfoverschatting en goede onderzoeksjournalistiek.

In Nederland heeft Eric Smit van Follow the Money daar goede diensten aan bewezen door de woekerpolis-onderzoeken.

Wat je ziet dat die paar topcommunicatieprofessionals vaak een juridische of bedrijfskundige achtergrond hebben. Dat is niet zomaar. Ze kennen de machtsstructuren door en door. Want de echte macht heeft geen boodschap aan begripvol. Het is kiezen of delen. Je kunt je met hart en ziel storten op het schrijven van persberichten, de bedrijfskrant of het nieuwe logo, maar wil je echt meespelen dan zal je je eigen feminiene principes moeten loslaten en onderdeel moeten worden van de elite. Of kan het anders?

Legerlaarzen of glazen muiltjes?

Menig communicatiemanager laat zich te snel voor de kar spannen van de machthebber. Grote stappen, snel thuis. Door de modder van de macht. Dat moet ook wel want binnen organisaties worden continu coalities gesmeed die hiermee te maken hebben. Over de verdeling van macht, de rollen hierin. Samenwerkingsverbanden tussen collega’s zijn ook overlevingsstrategieën om doelen te bereiken. Om hogerop te komen. Je volgende baas te vlooien en te likken. Je baan te houden. Machtscoalities zijn de sociale netwerken op het werk. Je ziet het in de bedrijfskantine. Team bij Team, baas bij baas, Jan Hagel bij Jan Hagel. Maar ook dit zal veranderen. En hierin zie ik steevast een rol voor de nieuwe communicatievakman en -manager. Deze verandering heeft te maken met een groter wordend mondiaal verlangen naar transparantie en reflectie – ik noem dat de kracht van de glazen muiltjes. Ik denk wel eens: Was een communicatiemanager nu maar een manager van de communicatie in plaats van de uitzending. Bezig met de ontwikkeling van de dialoog. Verticaal, horizontaal en diagonaal. Maar vooral tussen werkvloer en top.

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand

Het is natuurlijk allang niet meer ‘u vraagt, wij draaien’. Een communicatiemanager kan serieus de machtige ondernemingselite de spiegel voorhouden en kritisch zijn. Communicatiemanagers hebben de sleutels voor de oplossing namelijk allang in handen. Ze houden zich echt niet meer bezig met procedures, standaarden en publicaties. Ik weet, de macht op het monopolie van zulke communicatiemiddelen is aantrekkelijk en verslavend. In werkelijkheid is dit onnodig. Je kunt niet vechten om een roos te laten bloeien of een embryo te laten groeien. De dingen gebeuren gewoon in hun eigen ritme. Communicatie is het uitwisselen van informatie, kennis, overtuigingen, gevoelens en visie waarmee een organisatie kan groeien. Een communicatiemanager moet die zaken faciliteren. Water geven. Een goed communicatiemanager beseft wat er juist niet gezegd wordt. Kijkt naar de ruimte tussen de zinnen, naar de onderstroom. Aan kennis en vaardigheid over deze dingen bestaat een enorme behoefte. Naar nieuwe invalshoeken en perspectieven. Naar stimulerende en inspirerende verbindingen en het kunnen laten stromen van je organisatie. Naar weglaten en loslaten. De communicatiemanager kan overstappen van weten naar begrijpen, van voorschrijven naar beschrijven, naar voorleven. Veel communicatiespecialisten opereren op een veel lager bewustzijnsniveau dan de organisatie en de wereld van ze mag verwachten. Dus sta op en kom uit je comfortzone.

Grijp de uitnodiging aan

Ervaar het nieuwe en onbekende. Weinigen zien het onbekende als een uitnodiging. Zien vooral de chaos. Missen de waarden achter de gedrevenheid. Maar het onbekende bevat de sleutels tot een nieuwe werkelijkheid. Waarom is er steeds die behoefte aan beheersing, geld, macht, strijd en dingen vasthouden? Het is ons lot om een oneindig aantal rollen te spelen, maar die rollen zijn niet jezelf. Het zou jammer zijn dat we dat pas ontdekken aan het eind van onze loopbaan. Tijd voor een kanteling.

Reconnect communicatievak met nut en noodzaak


5thloslogo

Ten eerste: De vakbeoefenaar lijkt steeds meer losgezongen van een goede basis. Van stevige vakkennis en goed onderzoek naar de nieuwe werkelijkheid van het vak (de wereld gaat sneller dan de ontwikkelingen in het vakgebied). En hiermee het gemis aan het allerbelangrijkst voor een opleiding: Een‘body of knowledge’.

 

Ten tweede: Communicatie is losgezongen van de realiteit, van de vraag in de markt naar vakmensen op het brede terrein van communicatie. Of eigenlijk het gemis aan die vraag. Is de discipline wellicht zo breed geworden dat we het zicht op het vak en de markt kwijt zijn geraakt? We zijn ons bewust van de duizenden werkeloze communicatiespecialisten, ZZP’ers en anderszins en beseffen dat er jaarlijks honderden nieuwe communicatiestudenten in een markt stromen die er niet meer op wacht.

1. Onderbenutting van de communicatiediscipline

Fysici zoeken nooit naar het compromis, maar naar foute veronderstellingen, naar verkeerde overtuigingen en naar averechts werkende maatregelen. Naar de knelpunten en kantelpunten van een systeem.

Je kunt constant proberen de ‘waste’ van het vakgebied te reduceren, maar je kunt ook proberen de ‘flow’ te organiseren. En dat is een andere manier van denken.

Ik kan wat dat betreft best ‘rücksichtslos’ een analyse loslaten op ons vak. We onderbenutten het huidig systeem en de eindproducten (de studenten) hebben geen ‘fit’ met de markt. Het is dus van belang de schakels in het systeem te kennen. Want alleen dan kun je de performance en output van het onderwijs verhogen. Het is jammer dat de HBO’s en WO-opleidingen de kwaliteit missen om onderwijs en markt als geheel te zien. Als een samenspel van verschillende processen en ketens. En daarbij ook de samenhang tussen de diverse disciplines die het ‘vak’ behelzen: Marketingcommunicatie, communicatie, journalistiek, organisatie-communicatie, en alles wat je hierbij nog kan bedenken. Soms ben je journalist, dan ben organisatieadviseur, soms strateeg, dan weer social media-expert, soms onderzoeker, dan webbouwer, soms … dan … soms.

Stinkende wonden wegsnijden

Gemakkelijke oplossingen zijn er niet voor de overdosis aan kenniswerkers in Nederland. Een ‘cold turkey’ kan helpen. We kunnen de helft van de opleidingen sluiten, we kunnen een numerus fixus instellen, we kunnen de lat flink hoger leggen en de toelatingseisen verzwaren, en daarmee de kwaliteit van het communicatie-onderwijs, de docenten en daarmee het niveau van de studenten naar een excellent niveau brengen. We kunnen het vak internationaler of breder insteken (met verplichte vakken als Engels en business administration). We kunnen alle communicatie-achtige opleidingen laten integreren. Zat opties. Maar de belangrijkste vraag blijft. Een vak zal moeten aansluiten bij de huidige en toekomstige vraag. Van buiten naar binnen denken heet dat. Wat wil de (toekomstige) markt van het vak? Stop dus snel met de navelstaarderij. Met het creëren van communicatieclubjes en ouwe jongens krentenbroodje die elkaar de leukste (lees financieel de meest lucratieve) communicatieklussen toeschuiven.

Hoe het vak opnieuw te koppelen met de realiteit en de arbeidsmarkt van de toekomst?

Het opnieuw koppelen van de communicatie-arbeider met de vraag uit de markt heeft de hoogste prioriteit. Hiervoor kan een gekantelde beroepsorganisatie een hulpsysteem zijn bij vernieuwing. Als een omgekeerde piramide. Georganiseerd door een collectief van beroepsbeoefenaren, bottom-up i.p.v. top-down. Een beroepsorganisatie die verder gaat dan enkel een lobby- en kennisclub, zoals de huidige beroepsvereniging, pleegt te zijn. Daarbij gaat het niet over een beetje vitaliseren en optimaliseren, maar over heroriënteren en transformeren. Naar een nieuw model.

Raamwerk voor de transitie naar een nieuwe organisatievorm

Laten we starten met de zoektocht naar een raamwerk voor het beter organiseren van onze beroepsgroep. Daarbij zouden als eerste de waardesystemen gekanteld moeten worden, de systemen die door de huidige beroepsvereniging en overheid in stand worden gehouden. Kenmerkend is dat dit systeem uitgaat van beheersing, controle, stabiliteit, macht en belangen bij elkaar brengen. Het is een ondoordringbaar machtscomplex, een soort clan, waar behalve weinig aandacht is voor de ander, vooral de status van de beroepsbeoefenaar geldt (uiteraard is dit ietwat zwart/wit gesteld). De prikkels zijn niet intern gedreven maar liggen meer in het verlengde van egoïsme en zelfzuchtigheid. Dit deel van de beroepsgroep is opgericht om zichzelf te beschermen (en vooral het ‘werk’ en ‘klanten’) en is het zicht op de wereld kwijt.

We kunnen dit huidige ‘stabiele’ systeem kantelen door er gewoon een betere, organisatie naast te zetten. Eentje die past bij de flow van de moderne tijd. Daardoor wordt de veerkracht van het vastgeroeste systeem steeds minder en dat systeem daardoor steeds fragieler. Het oude systeem zal dan niet meer weten welke kant het uit moet. Uiteindelijk is een kleine verstoring voldoende om de omslag naar een nieuwe ‘toestand’ te bewerkstelligen. De fatale verstoring. Je ziet dat overal al gebeuren.

2. We gaan naar een fluïde en symbiotisch systeem (als je al van systeem kan spreken)

Wat zou die andere wereld van ons vak kunnen worden? De communicatiespecialist is zich allang bewust van nieuwe invalshoeken en de eigen tekortkomingen en bestaansonzekerheden. Op diverse plekken zie je dat er, mede door de mogelijkheid om virtueel samen te werken (part-ups), gezamenlijke leersituaties ontstaan. Er ontstaan zelforganisaties die regionaal of per vakdiscipline zijn geclusterd. Soms spontaan vanuit de chaos van de huidige diffuse wereld, maar meestal vanuit eigen energie en de natuurlijke weg. Deze zelforganisaties kunnen met elkaar blokkades wegnemen, de huidige dynamiek zien en uitgaan van de wil en wens van betekenis geven aan je vak, je baan en je leven. De nieuwe beroepsvereniging zou een fluïde organisatie kunnen worden die overal in Nederland groepen ondersteunt met collectieve ambities.

Netwerkorganisaties in stilte verbonden met het geheel. Strevend naar maatschappelijke waarde. Zelforganisaties die met elkaar coöperaties vormen rondom thema’s en beroepszekerheden. Vanuit een meesturend midden. Dat midden voornamelijk faciliterend. Het zijn deels pragmatische organisaties die constant afstemming vinden tussen persoonlijke en collectieve ambitie van de vakmens. Waar de binnenwereld met de buitenwereld in evenwicht zijn.

Kunnen we wel naar een symbiotisch systeem?

Kenmerken zijn afhankelijkheid, delen functioneren alsof ze één zijn. Het biedt wederzijdse voordelen. Zoals de vliegenzwam onder de berk, de heremietkreeft in de schelp, software testers met hun ontwikkelaars. Grote ondernemingen die gaan samenwerken met game-changers.

In dat laatste zie je vormen van co-creatie, ook wat betreft de zekerheden die fluïde netwerksystemen ook nodig hebben, gericht op diverse vormen van innovaties (ook sociale), en de opkomst van zelforganisatie bouwen rondom issues in plaats van disciplines, gericht op doorbraken en behoefte naar professionele ontwikkeling.

Wat we met elkaar kunnen creëren zijn leefvormen die overeenstemmen met de basisprincipes van de groep, waar ratio even belangrijk is als intuïtie. Het hogere doel omarmd wordt. Dat vergt een ander denken over de toekomst van de wereld en de rol van het vak communicatie.

Ik heb onderstaand symbool bedacht. Ik ben een beelddenker. Het gaat uit van de vier elementen. Ergens wil je het proces van de kanteling, en wat blijft vastleggen in een beeld. Zie het als een constante beweging. Een beweging met als basis van het symbiotisch principe, en wat is er niet mooier dan deze elementen die al eeuwen door kunstenaars is verbeeld: vuur, wind, water, aarde.

commbatprocessen.jpg

Die kanteling die ik voorzie heeft dus vier processen waaruit vier elementen (subsystemen ontstaan).

Het vuur, de vonk > inspireren

Ten eerste zal de nieuwe orde (zo noem ik het voor het gemak) zich moeten richten op het aanwakkeren van het vuur en zorgen dat een aantal experts/specialisten/studenten/et cetera het (symbiotisch) idee – het hogere gezamenlijke doel – omarmen: de vonk laten ontbranden, of in het Engels ‘sparkle’. Ontsteken van de vlam als het ware. Zonder die vlam, begin je niets. Die vlam is bijvoorbeeld de stichting CommBat, die constant aanjager is van symbiotische vernieuwing in het vak.

Lucht, de wind > samenwerken

Daarna is het belangrijk om te kijken of dat symbiotisch denken (deel van het geheel willen zijn) past bij de groepen die we voor ogen hebben. We zien natuurlijk die sociale verandering in het maatschappelijk veld, maar willen, of kunnen die partijen de meerwaarde zien van coöperatief werken. En dit naast proces ook de plek waar de coöperatie zijn plek heeft. Hiervoor heb ik het symbool lucht, of eigenlijk ‘de wind’ bedacht, circulair zoals je ziet. In een kring bewegen. Wellicht de kringloop van de circulaire economie.

Water, de stroming > Leren.

Een nieuwe orde is niets zonder dat de wereld die ook ziet, ook buiten de disciplines, de politiek, de bedrijven, de diverse groepen in de wereld. Die bandbreedte die je wil, zal bereikt worden als ook de Umwelt begrijpt, als je begrijpt waar je staat en wat je wilt, en vice versa. Anders sta je als ‘beroepsgroep’ in de kou. Je bent onderdeel van de hele ‘wereldorde’. Ik noem dat water, of stroming (Flow). Hier ontstaat de echte vernieuwing, het leren. De leerinstituten vinden hier hun plek.

Aarde, het ploegen: body of knowledge

Er moet hard worden gewerkt aan een goed fundament. Dat doe je met instituten en beroepsbeoefenaars. De basis als de aarde, waar alles groeit.

Tenslotte. Dit model is als een soort perpetuum mobile. Elk element heeft weer dezelfde vier elementen in zich. Elk proces kent zijn subsysteem. Voor mij is het een hulpvorm waar ik elke keer weer op teruggrijp. De vonk, de coöperatie, het leren en het doen. Uit het doen ontstaat een nieuwe vonk, and so on.

De apenrots brokkelt af


KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

De meeste communicatieprofessionals zijn geen partij voor de echte macht in organisaties. Communicatiemensen zijn aardig en vriendelijk. De ‘echte macht’ heeft geen boodschap aan begripvolle communicatie. En zoek je statuur door enerzijds de harde jongen te spelen, val je op je gezicht omdat het communicatievak een feminien vak is.

In de top van organisaties zie je steeds dezelfde twee begrippen. Macht en erkenning. Zelfverrijking, bonussen, vriendjespolitiek, ‘ik verdien wat jij verdient’-gedrag en machtsbejag. De kredietcrisis en recessie zijn slechts een afgeleide van wat er echt aan de hand is. En wat in het groot gebeurt, gebeurt ook in het klein. Als de CEO rechtsaf zegt gaan de meeste werknemers nog steeds rechtsaf. En rond de (bestuurlijke) macht is een sterke hofhouding aanwezig. Maar er is hoop. De masculiene elite, die in de ivoren toren zit, is zich bewust van het harde feit dat hun machtsbasis afbrokkelt. Klassieke macht wordt niet meer gepikt. De mondialisering van informatie via internet en het hogere westerse opleidingsniveau versnelt de kanteling en kentering van machtssystemen. Het dominante machtssysteem valt uit elkaar en dat gebeurt als gebruikelijk schoksgewijs.

Repelsteeltjesgedrag
Een zekere mate van narcisme en ego is voor een leider volkomen natuurlijk en gezond. Maar als het doorslaat in eigenwaan, opgeblazenheid en negeren van het fatsoenlijke is dat ernstiger. Dat leidt in veel gevallen – soms pas na 42 jaar – tot de val van de machthebber. Het is gevaarlijk terrein geworden, rond de stoelpoten van de van de torens van de macht. Brutussen lopen overal rond. Een van de redenen dat de top de neiging blijft houden om niet transparant te opereren. Maar daar uiteindelijk niet in zal slagen. ‘Ik weet wat jij niet weet,’ wist Repelsteeltje in het gelijknamig sprookje te vertellen. De moraal van verhaal is echter dat ook Repelsteeltje zijn machtsbasis kwijtraakte door overschatting en goede onderzoeksjournalistiek.

Topcommunicatieprofessionals hebben vaak een juridische of bedrijfskundige achtergrond. Dat is niet zomaar. Ze kennen de machtsstructuren door en door. Want de echte macht heeft geen boodschap aan begripvol. Het is kiezen of delen. Je kunt je met hart en ziel storten op het schrijven van persberichten, de bedrijfskrant of het nieuwe logo, maar wil je echt meespelen dan zal je je eigen feminiene principes moeten loslaten en onderdeel moeten worden van de elite. Of kan het anders?

Legerlaarzen of glazen muiltjes
Menig communicatiemanager laat zich te snel voor de kar spannen van de machthebber. Grote stappen, snel thuis. Door de modder van de macht. Dat moet ook wel want binnen organisaties worden continu coalities gesmeed die hiermee te maken hebben. Over de verdeling van macht, de rollen hierin. Samenwerkingsverbanden tussen collega’s zijn ook overlevingsstrategiën om doelen te bereiken. Om hogerop te komen. Je baan te houden. Machtscoalities zijn de sociale netwerken op het werk. Je ziet het in de bedrijfskantine. Team bij Team, baas bij baas, Jan Hagel bij Jan Hagel. Maar ook dit zal veranderen. En hierin zie ik steevast een rol voor de nieuwe communicatievakman en -manager. Deze verandering heeft te maken met een groter wordend mondiaal verlangen naar transparantie en reflectie – ik noem dat de kracht van de glazen muiltjes. Ik denk wel eens: Was een communicatiemanager nu maar een manager van de communicatie in plaats van de uitzending. Bezig met de ontwikkeling van de dialoog. Verticaal, horizontaal en diagonaal. Maar vooral tussen werkvloer en top.

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand
Het is natuurlijk allang niet meer ‘u vraagt, wij draaien’. Een communicatiemanager kan serieus de machtige ondernemingselite de spiegel voorhouden en kritisch zijn. Communicatiemanagers hebben de sleutels voor de oplossing namelijk allang in handen. Ze houden zich echt niet meer bezig met procedures, standaarden en publicaties. Ik weet, de macht op het monopolie van zulke communicatiemiddelen is aantrekkelijk en verslavend. In werkelijkheid is dit onnodig. Je kunt niet vechten om een roos te laten bloeien of een embryo te laten groeien. De dingen gebeuren gewoon in hun eigen ritme. Communicatie is het uitwisselen van informatie, kennis, overtuigingen, gevoelens en visie waarmee een organisatie kan groeien. Een communicatiemanager moet die zaken faciliteren. Water geven. Een goed communicatiemanager beseft wat er juist niet gezegd wordt. Aan dit soort zaken bestaat juist een enorme behoefte. Het nieuwe werken helpt daarbij. Er is een sterke behoefte in opkomst naar onbaatzuchtige macht. Naar nieuwe invalshoeken en perspectieven. Naar stimulerende en inspirerende verbindingen en het laten stromen van je organisatie. De communicatiemanager stapt nu over van weten naar begrijpen, van beschrijven naar voorschrijven, voorlezen tenslotte voorleven. Veel communicatiespecialisten opereren op een veel lager bewustzijnsniveau dan de organisatie en de wereld eigenlijk van ze mag verwachten. Sta op en kom uit je comfortzone.

Grijp de uitnodiging aan
De conditionering de afgelopen jaren van de communicatiestatuur leidt tot wantrouwen. We verlangen naar standbeelden, prijzen, reputaties. Zilveren inktpotten, griffels en graffels. Maar het zijn allemaal illusies, waandenkbeelden. Allemaal vanuit een Angelsaksisch paradigma. Tegelijktijd ervaren we het nieuwe en onbekende. Weinigen zien het onbekende als een uitnodiging. Zien vooral de chaos. Missen de waarden achter de gedrevenheid. Maar het onbekende bevat de sleutels tot een nieuwe werkelijkheid. Waarom is er steeds die behoefte aan beheersing, geld, macht, strijd en dingen vasthouden. Het is ons lot om een oneindig aantal rollen te spelen, maar die rollen zijn niet jezelf. Het zou jammer zijn dat we dat pas ontdekken aan het eind van onze loopbaan.

Ik ben al zo een 20 jaar lid van een communicatievereniging en zijn juridische voorlopers. En besef deze week waarom ik niet meer bij zo een club wilde horen. De top en haar hofhouding staat me wat tegen. Tijd voor een kanteling. Dat is een volstrekt persoonlijke beslissing.