De grote chaos show


0_d40d2032-668c-44f8-8beb-551113cf22d9_1024x1024Hoe vis je de juiste communicatieprofessional uit een vijver vol vreemde eenden?

Beste communicatiemanager, HR-manager en crisisbaas. U weet, er vindt een grote deceptie plaats. De oude economie met hun vastgeroeste top-down structuren en communicatiemodellen zit in de winter van haar bestaan. Waar het laatste dozijn woudreuzen (lees communicatiebureaus en overheden) nog inzet op de overleden reputatie-, participatiemodellen en beroepsprofielen van rond het tweede millennium, zie je een nieuwe ploeg professionals een hernieuwde moraal creëren. Die zien in dat de participatieladder sec inzetten als instrument om de plannen van de eigen wethouder in te dekken niet meer werkt. Of weerstand hebben tegen het inzetten van op propaganda lijkende methodieken die ethisch gezien niet meer door de beugel kunnen.

Moraliteit staan nu bovenaan in ons vak

Het moreel leiderschap wordt gelukkig meer en meer omarmd. Niet in het minst aangezwengeld door een variëteit aan ‘querulanten’, klokkenluiders en onderzoeksjournalisten als Eric Smit van Follow the Money en Rob Wijnberg van de Correspondent. Eind jaren zeventig nam Europa de code van Athene aan, een morele code op het terrein van intellectuele, sociale en morele behoeften van de Europees burger en daarbij de inzet van de overheid om transparant, eerlijk, betrouwbaar, tijdig en volledigheid te zijn in de relatie met de burger. Met uiteraard de daarbij horende competenties. Ik merk een revival van deze grondwaarden in het vak en de wil van velen het moreel beter te doen dan de afgelopen 25 jaar.

Leven lang leren zorgt voor professionals die bij de tijdgeest horen

In dit decennium van transitie wordt ons ‘vak’ eindelijk goed opgeschud. Veel burgers zijn misschien niet herkenbaar als gilets jeune, maar ook zij laten zich niet meer afschepen met ‘nep’-verhalen van overheid of bedrijf. Er is ‘disruptief burgerschap’ ontstaan zegt bestuursadviseur Steven de Waal. Een zelfsturende burger die met gemak het kaf van het koren kan scheiden. Hoe? Omdat hij zijn eigen experts en expertise meeneemt (zie noot 1). Communicatieprofessionals hebben tegenwoordig andere verantwoordelijkheden en rollen in vergelijking met een paar jaar geleden. Niet enkel generalistischer, maar ook specifieker. Zoals de opmerkelijke functie van een participatiemanager die ik laatst op een vacature bij een gemeente zag langskomen. Vooral het hebben van unieke vaardigheden, expertise, organisatie-sensitiviteit wordt geprezen. Niet rechtlijnig opereren volgens het boekje, maar de situatie laten bepalen. Het huidig kabinet ziet dat ook en zet qua beleid stevig in op het programma ‘Een leven lang leren’.

Waarderen van de communicatieprofessional

Nu diverse aanpalende branches zich al en masse laten certificeren, zal ook de communicatiesector er niet aan ontkomen zich terdege te vergewissen van welke scholingsinstrumenten bij-de-tijd zijn en welke niet meer. De wildgroei in allerhande bekostigde en onbekostigde opleidingen is langzaam tot staan gebracht. Het is goed om verder te kijken en te zien wat de juiste kerncompetenties zijn in de moderne tijd. Je kunt deze sowieso al toetsen aan recent ontwikkelde branchestandaards in een nieuw communicatieregister (zie https://www.commtop.nl/certificering-communicatiebranche). Welke ZZP’er zal zich niet willen laten bijspijkeren aan de hand van gedegen kwaliteitsmaatstaven om daarna weer aan te sluiten bij de marktvraag. Een leven lang leren is een prachtig systeem waarbij je eigen regie op je carrière kan voeren.

Hoe vind je nu de juiste professional in de vijver met vreemde soorten?

De vijver van communicatiespecialisten bestaat uit honderdduizenden specialisten, die zich verstoppen bij bureaus, eenmansbedrijven, de overheid en het bedrijfsleven. De juiste experts vinden voor een tijdelijke klus of als toekomstige werknemer is nog tijdrovend. Hoe meet je de kwaliteit van deze vaklui? Wie is de beunhaas en wie die ene juiste gekwalificeerde vakvrouw?

De oplossing ligt bij de markt wordt door iedereen geroepen. Dat klopt. Het gaat absoluut over de aansluiting tussen onderwijs, vak en markt. Maar de markt zou zich wel moeten vergewissen wat kwaliteit is van deze vele vreemde eenden in een overvolle vijver. Gelukkig kan de communicatie-, HR-manager en crisisbaas nu in de vacature de branchestandaard vermelden van het register van Stichting Commtop beschikbaar is gemaakt. Zet dit en het niveau dat je wenst onderop in je vacaturetekst, als een soort Intel Inside en verder is het appeltje-eitje. Tenminste, als iedereen het dan maar doet. Toch?

Marcel Kolder is kanteldenker en eigenaar van Draoidh bv – een ander communicatiebureau

Voor meer info: Burgerkracht met Burgermacht.

(https://www.boombestuurskunde.nl/bestuurskunde/catalogus/burgerkracht-met-burgermacht-1)

Bekende Nederlanders zijn cruciaal bij de transitie naar een inclusieve wereld


Percepties over de rol van mensen met een handicap van bekende Nederlanders (politici, opinieleiders, artiesten, cabaretiers, wetenschappers, sporters, topmanagers) zorgen voor versnelling of vertraging in de transitie naar een maatschappij waar mensen met een beperking kunnen meedoen.

VVD.jpgIk neem de campagne van de VVD als schrijnend voorbeeld voor het beledigen van mensen met een beperking. Hier wordt gewezen op hoe goed de VVD is voor de werkende Nederlander met hun ‘handen uit de mouwen inplaats van handen ophouden’ slogans. En hoe een denigrerende impact dat heeft op de arbeidsgehandicapte die toch echt financiële ondersteuning nodig heeft, maar ook op hoe werkend Nederland hierdoor neerbuigend gaat kijken op de ‘steuntrekkers’ in ons land: Want de premier zegt het!

Maar niet alleen politici, ook cabaretiers gaan weleens de fout in. En een link naar hoe het niet moet … wel een oudje, en excuses zijn gemaakt.

Zaal loopt leeg bij cabaretier na grap over handicap

Enorme invloed

Bekende Nederlanders hebben nu eenmaal veel invloed via de mediakanalen op hoe ‘de Nederlander’ denkt over mensen met een beperking.

Als BN’ers meer op een waarderende wijze spreken en omgaan met mensen met een beperking versnelt dit de adaptie van inclusie bij anderen. Tenslotte dragen bekende Nederlanders dan bij aan de identificatie met leven en werken van deze mensen met een beperking.

Om inclusiviteit te waarborgen is dus inclusief leiderschap nodig. In woord en gedrag.

Diversiteit wordt gezien als hulpmiddel om organisatiesprestaties te verbeteren. Het is fijn als mensen van verschillende afkomst ook hun eigenheid kunnen behouden. Ook voor mensen met een beperking geldt dit. Het is een onderbelicht thema waar BN’ers aan zouden kunnen werken.

En dat betekent meer dan geld inzamelen voor invalide kinderen. Dat is vaak rolbevestigend als ware elke persoon met beperking hulpbehoevend.

Wat wel kan is veel simpeler

Zorg dat kinderen met een beperking kunnen gaan sporten in dezelfde sportclub als waar anderen sporten. Zorg dat het mogelijk is dat mensen in een rolstoel wel goede plaatsen krijgen bij een concert of voorstelling inplaats in het verdomhoekje. Zorg dat je eens een leuke foto plaatst in je krant of magazine van iemand in een rolstoel, en niet altijd het geijkte plaatje van een oudere gezette man in een rolstoel uit de jaren vijftig. En gun iemand die blind is een goede baan. Dat soort dingen. Dat moet toch niet moeilijk zijn Mark, Twan, Glennis, Micha, Nazneen, Max en Marjan?

Blauw, groen en rood.


Ellsworth Kelly’s “Red Blue Green.” 1963, Oil on Canvas.
Ellsworth Kelly’s “Red Blue Green.” 1963, Oil on Canvas.

Bomen en groen in een wijk of buurt zorgen ervoor dat je minder gestresst wordt en gezonder, aldus bijzonder hoogleraar Agnes van den Berg. Planologen spreken vaak in de termen rood, groen en blauw. Daarmee bedoelen ze bebouwing, groen en water. Een stedebouwkundig principe is deze elementen in gelijke mate in steden te verdelen. Gelijkwaardig als het ware, met de nadruk op waardig. Dit schilderij van Ellsworth Kelly dat dit ook doet hangt in het stedelijk museum. Ik woonde in de wijk daarachter, en ging bijna elke week even kijken. Ik kwam tot rust. Hij is een van mijn favoriete schilders. Hij is een minimalist. Dit schilderij is meer dan mans hoog en de kleuren zijn overweldigend. Als ik er naar kijk word ik intens gelukkig. Niet toevallig lijkt dit op een stadsplattegrond. Schilderijen van Bart van der Leck op Mondriaan hebben dat ook.

Groen en blauw zijn zijn in veel dichtbebouwde oudere steden ver te zoeken. Terwijl wetenschappelijke studies laten zien dat wij inwoners fysiek en psychisch gezonder zijn als er natuur om je heen is. De beleving wordt versterkt door de herhalende natuurlijk vormentaal die zorgen voor een positieve brein reactie. Groen in een stad toevoegen is niet zo moeilijk. Je ziet tiny forests opduiken, keukentuinen verschijnen en vegetatie op daken.

“I have worked to free shape from its ground, and then to work the shape so that it has a definite relationship to the space around it,” legde Kelly eens uit bij dit schilderij. “So that it has a clarity and a measure within itself of its parts (angles, curves, edges and mass); and so that, with color and tonality, the shape finds its own space and always demands its freedom and separateness.”

Terschelling. Zes jaar geleden.


De Zwarteweg op Terschelling, een lugubere naam voor een van de mooiste plekken van de Nederland. Het uitzicht langs de westrand van het waddeneiland is een meanderend gebied met een adembenemend uitzicht. Ik vraag me af wat het verhaal achter deze plek is. Zouden hier oude zeemansgraven liggen? Of werden hier doodskisten getimmerd van het wrakhout dat na een stormvloed aanspoelde? In het dorp weten ze het vast wel.

Het is koeler vandaag op het Eiland. Geen strandtocht deze keer. We hebben vanochtend een afspraak met de conservator van ‘Het Behouden Huis’ in West. Een klein museum met veel voorwerpen van Terschelling en spullen van schepen die zijn vergaan. De wadden kunnen flink spoken in de winter.

Vandaag tonen we aan het plaatselijk museum een zeldzame stenen Terschellinger stoeppaal. Het is een deel van een Gotische paal, met gebeeldhouwde versieringen. De enige andere Gotische stoeppaal die bekend is staat in een vitrine in het Fries Scheepvaartmuseum in Sneek. Ik heb hiervan afbeeldingen gezien op internet. Onze paal kan zijn tweelingbroer zijn. Onze stoeppaal weegt bijna honderd kilo en we sjouwen er ons nu een breuk aan. Het voorwerp is een zitpaal uit de middeleeuwen. Elk statig huis op Terschelling heeft in oorsprong twee van die stoeppalen met een plank ertussen. De meesten zijn verdwenen of gestolen. Op de voorzijde staat meestal het familiewapen. Op deze staat in het schild een wenteltrap en een hamer en zaag.

Op West kwamen mooie statige stoeppalen veelvuldiger voor dan aan de oostelijke kant van het eiland. Bij het Westelijke havenstadje woonden de handelaren en notabelen. De vissers vonden hun plek buiten het stadje in Oosterend. Vlakbij het Amelander Gat. Mijn broer vond deze steen vijftien jaar geleden bij een opgraving in Amsterdam Zuid. Mijn jongere broer Antonius Kolder is een leuke man. Hij is een vriendelijke ‘einzelgänger’, een soort van kluizenaar. Hij noemt zichzelf gewichtig. Hij is er trots op dat hij 150 kilo weegt. Een familiekwaal. Zijn huis staat nokvol met de meest kleurrijke boeken over de geschiedenis van Nederland. Vaak hele oude boeken. De meesten beschrijven de historie van Amsterdam. Ik heb zijn boeken nooit geteld. Maar het zijn er zeker enkele duizenden. Als we op visite zijn kunnen we uren bij hem in zijn boeken snuffelen. Hij verzamelt ook allerhande oude voorwerpen. Niet alleen witte porseleinen pijpenkopjes of lakenloodjes. Nee, bij hem thuis liggen ook heel merkwaardige en schatten. Twee jaar geleden vond Antonius op IJburg een zeventiende-eeuwse ring. Een uniek exemplaar. Kunstig bewerkt met mooie edelstenen. Hij kwam er zelfs mee in het nieuws. De Britse variant van Kunst en Kitsch – de Antique Roadshow – kwam bij hem langs om de beroemde vondst te filmen. Na de uitzending op de Engelse zender stond de stadsarcheoloog van Amsterdam op zijn stoep. Het sieraad was eigendom van de stad vond hij. Of Antonius die maar wilde afgeven. Maar de gemeenteambtenaar kreeg nul op rekest. De tere gouden ring kreeg hij niet mee. Net als al die andere kleine schatten in zijn huis, uiteraard meer kitsch dan kunst, maar toch, een verhaal waard.

Zo stond er al jaren die Terschellinger stoeppaal in de tuin van mijn broertje. Naast een jonge appelboom. Half in de grond. Toen hij de steen vond zat er een bijna vergane landkaart bij met een vage tekst. Zodoende wist hij waar de steen vandaan kwam. Van West-Terschelling. En nu is hij weer terug op zijn geboortegrond. We hebben hem geschonken de beroemdste bewoner van dit eiland. De stoeppaal van weleer.

#wrkplzr Een verdomd luchtig boekje.


IMG_8626
Mijn bureau in de Kantelkelder in Almere

Als Kanteldenker (voor intimi: dwarsgeboren in een dubbele stuit) kantel ik als WRKSHP-lijder wat af in Nederland en België. Het eerste wat mensen graag willen weten wat dat nu precies is: Kantelen. Niet zo moeilijk. Johan Cruijf maakte er een lijfspreuk van: ‘Ieder nadeel heb ze voordeel’. Het zware leven van managers kantel ik graag naar luchtig en vrolijk. Dat voor een redelijke vergoeding natuurlijk. Want ik ben geen multinational met Haagse vrindjes.

Concurrentie

Echter … er is concurrentie. En dat voor nog geen twee tientjes. Rob Koops heeft een kadootje-voor-een-zeikerige-collega-weggeefboekje geschreven waarin hij hun zware werkzame leven, luchtig naar werkplezier kantelt. Lichtvoetig, humorvol en vol inspiratie. 101 zinnetjes (voor de niet-lezers onder ons een opluchting natuurlijk, eindelijk een boekje wat je in een uurtje uit hebt) met minifilosofietjes. Een aanrader. En sowieso omdat ik een van de tips mocht leveren (ik ben dus volledig onafhankelijk in mijn advies). Rob belde me op met de vraag toen ik net net aan de vlaflip zat (ja, ook met toetjes kantel ik graag) en kwam met de volgende tip:

Begin je werkdag goed. Begin met het toetje.

Tuurlijk staan er in het boekje een paar verhaaltjes, hoe inspirerend de schrijver is, dat zijn vriendin de illustraties heeft gemaakt. Maar juist die tips, die doen het werk. Ik noem er nog eentje, als voorgerecht dit keer want de eerste van alle 101 stuks: ‘Laat iemand met een frisse blik een dag met je meelopen.’ Een inkopper. Ik ga nu echt op zoek naar de friskijker in mijn leven. Ben jij dat? Meld je aan (just kidding).

Als je het boekje voor jezelf nodig hebt scheelt dat scheelt dat in ieder geval de gemeenschap de kosten voor een psychiater. En doe dan iets terug. Na de 101 tips, weest circulair, geef je boekje gewoon door weg aan die andere collega van je, ja die, die altijd in zijn werkhokje zit, die met dat vieze kopje koffie en thee, en die stressbal, die wat meer WERKPLEZIER nodig heeft.

Wil je meer weten klik hieronder op www.wrkplzr.nl

Hoe voorkom je de leiderschaps-bubble


A._percula.jpg

Er is een clan van machthebbers, ook in Nederland, die liever omgaat met de eigen soort, de invloedrijken en ‘succesvollen’ dan met de ‘anderen’. Dat heeft gevolgen voor het besturingssysteem van landen en organisaties. Je merkt om je heen dat het namelijk al een tijdje spaak loopt. Vaak heren die losgezongen zijn van de werkelijkheid. 

Deze clan van (politiek) bestuurders leeft als het ware in de eigen ‘filterbubble’ en doen daarmee zichzelf tekort en raken verdwaalt in een nep-wereld en hebben niet in de gaten wat er echt speelt. Ze leven voort op de door hen gecreëerde apenrots en vertonen bij conflicten hun fijn door ontwikkelde rattengedrag in een verder boosaardige wereld. Raar woord eigenlijk Boos-Aardig. Een soort contradictie. We kennen ze maar al te goed.

De toeschouwers van deze dierentuin keuren enerzijds het rattengedrag af, maar stiekem verlangen ze er ook naar om er onderdeel van uit te mogen maken. Het succesmodel van de apenrots werkt en pakt hen beet.

Trump

Om dit keer even niet onze eigen politici en bestuurders het vuur aan de schenen te leggen, kijk ik naar de verafgoding van president Donald Trump. ‘You adore him or you hate him’. Fanatiekelingen verheerlijken zijn schelmenstreken en zien dat als belangrijke waarde, hij toont namelijk ‘guts’. En is daarmee de antiheld van de Amerikaanse middenklasse. Boos-Aardig dus. Maar kijk je goed waar hij die ‘ballen’ gewend was te tonen, dan is dat voornamelijk ontstaan in zijn gok- en vastgoedimperium. Waar ‘Monopoly’ en leven en dood belangrijker is dan ze netjes alle ‘Vier op een rij’ te hebben.

Egogedreven en narcistisch leiderschap ontstaat als je meent dat je het succes aan jezelf te danken hebt in plaats aan je schare fans, werknemers of burgers die in je geloven of geloofden. Je ziet dat overal, in het bedrijfsleven, binnen de overheid en de politiek.

Wat opvalt is dat de mens door deze leiders constant wordt gereduceerd tot cijfers en grafieken. Tot kwantitatieve termen. Groot, groter, grootst. Big, bigger, biggest. Van de ene tsunami naar de andere. Begrijpelijk, de burgers zijn in hun ogen slechts stemvee of werkslaaf. En we weten zo goed dat deze ‘leiders’ vooral hun eigenbelang najagen, dat ze voor korte duur presteren en na falen fijn job-hoppen naar de volgende functie in het centrum van de macht – die bekende apenrots. Vaak dat rotsblok dat ze voordien als politicus juist moesten controleren. Het is het soort leiders dat meent dat mensen, medewerkers of burgers, in het gareel moeten worden gehouden, dat ze onbetrouwbaar zijn en ongemotiveerd. Ze gijzelen hun schare fans en staan niet open voor informatie die ze niet willen horen, ze zien enkel hun eigen route, de rest is ‘fakenews’.

Laten we het duistere kantelen naar wat lichters

In dit duistere decennium waar de route naar verlichting een verlangen van velen is, zijn we op zoek naar een systeem waar we ons mee verbonden willen voelen, een die duurzaam is, respectvol en wederzijds winstgevend. En daar heb je deze apenrotsbewoners eigenlijk niet meer voor nodig. Overbodige dieren die hun nut in het oude systeem niet hebben bewezen breng je dan naar een sanctuarium, een beschermde plek voor ze, tot het overlijden.

Compassie is het toverwoord

We kunnen ook kiezen voor leiders met compassie. Dienstbare leiders die mensen binnen organisatie of omgeving zien als een waardevol onderdeel. Waar de egogedreven leider verdeelt, onderdrukt en overheerst, zal de compassievolle leider verbinden, ruimte en verantwoordelijkheid geven. Deze nieuwe leiders kijken meewarig naar de apenrots en kiezen voor maatschappijoriëntatie in plaats de carrière-oriëntatie, ze hebben inzicht in de dynamiek van de wereld, de duurzaamheidsprincipes en snappen als geen ander dat je met elkaar wint. Ze zijn als het ware het tegenovergestelde van autocratisch, ze zijn holacratisch, ze verdelen de ‘macht’ over de hele organisatie, het land, de stad, de wijk, de straat, de inwoners en in het bedrijfsleven bij teams. Bij de wortels van de samenleving. Waar iedereen eindbaas is over zijn eigen rol in het geheel. Zelfregulerend, zelfsturend en zelforganiserend.

Symbiose is wederzijds winstgevend 

Holacratie komt van het Griekse ‘Holon’, dat ‘geheel’ betekent. Een holacratische organisatie stelt het hogere doel centraal, dat start bij het ‘waarom’. De missie die iedereen voelt. Een holacratie gaat over zelfsturing en samensturing. Het uit zich in zelfsturende kleine units binnen het grotere geheel. En heeft zelfs van nature wisselende teamrollen. Je ziet het terugkomen bij kleine wijkinitiatieven, bewonersbedrijven, bij buurtzorg en vooral bij start-ups die in netwerkorganisaties samen werken aan nieuwe diensten en producten. Leider en medewerkers zijn hier een geheel. Symbiotisch noem ik dat. Wederzijds winstgevend. Samen de uitdaging van ‘overleven’ oppakken.

Minnekozen en leiderschap

Symbiose is een leenbegrip uit de natuur. Het is de kunst van samenleven, niet in onmin maar juist in min met elkaar samenwerken. Minnekozend. Ook zo een mooi woord dat past bij symbiose. Of het nu de vliegenzwammen zijn onder een berk zijn of die kleine Nemo’tjes tussen het koraal. Symbiose zie je juist bij nieuwe manifestaties. Zij richt zich vooral op doorbraak denken, op het matchen op thema’s die elkaar nog niet ontmoet hebben. Soms is het intuïtie, soms ‘serendipity’, soms is het: samen kun je beter leven. Het is een organische manier van werken. Met gedeeld en eerlijk leiderschap.  In teams weet je tenslotte wat je aan elkaar hebt. Met het toverwoord ‘vertrouwen’ als uitroepteken. Die teams helpen organisaties te excelleren. Die dragen samen zorg voor een betere leef- en werkomgeving, de achterstelling van vrouwen, kinderen en gehandicapten verbeteren (ook in de westerse landen) … om maar een paar dwarsstraten te noemen. In een vind-tocht naar een socialer leven in een echt gedeelde democratie. Kennen jullie deze kantelende teams. Ik hoor het graag.